Beluister deze pagina met proReader

Economie vanuit eigen kracht

De economie van Groningen staat er goed voor. De economie in Noord-Nederland groeide harder dan in de rest van Nederland zodat de achterstand werd ingelopen. De sterke Groningse economie bestaat uit belangrijke sectoren, zoals energie, zorg, chemie, toerisme, industrie en agrofood. Verder is het MKB hier natuurlijk een echte banenmotor:
veel meer dan in de rest van het land. Het succes van de positieve economische ontwikkeling in Noord-Nederland is te danken aan twee belangrijke factoren: de innovatieve kracht van het noordelijke bedrijfsleven en de sterke noordelijke samenwerking. Voorbeelden hiervan zijn het Energy Valley-cluster en de ontwikkelingen
rondom Healthy Ageing.

D66 wil de rol van de provincie op economisch vlak veranderen. Het is tijd om nieuwe accenten aan te brengen. Dat is hard nodig omdat de ouderwetse maakbaarheidsgedachte inmiddels ver over de houdbaarheidsdatum heen is. Wat we in deze tijd nodig hebben, is een pro-actieve provincie die bedrijven laat ondernemen en daarvoor de optimale randvoorwaarden creëert. Dus minder aanbodgericht subsidies,
maar meer vraaggerichte ondersteuning. 

D66 wil dat Noord-Nederland de regionale economische ontwikkeling in eigen hand neemt. Het is niet aan het Rijk of aan Europa om te beslissen wat goed is voor Groningen. De steeds verder doorgevoerde lijn dat beleid gedecentraliseerd kan worden zien wij dan ook als kans. Aan het Rijk of aan Europa de uitdaging om de door de regio zelf ontwikkelde visie verder te ondersteunen en bij te dragen aan de uitvoering. 

Bij de opstelling van ons eigen regionaal beleid is het van belang dat de provincie goed anticipeert op de ontwikkelingen in het bedrijfsleven. Bovendien vindt D66 dat de provincie moet aansluiten bij de beleidsinzet van andere betrokkenen in het speelveld, zoals gemeenten, intermediaire organisaties en private partijen. Een mooi voorbeeld van een gezamenlijke inzet is het Slimmerwerken8.nl-programma. Dit is een programma van acht partijen (VNO-NCW Noord, MKB Noord, NOM, Syntens, Kamer van Koophandel Noord-Nederland, TCNN, FNV en CNV) dat zich richt op projecten die leiden tot productiviteitsverbetering voor bedrijven in Noord-Nederland.


Nieuw ondernemerschap
Hoewel de industrie nog steeds het fundament van de noordelijke economie is, blijkt het MKB de grote banenmotor van het Noorden te zijn. D66 pleit dan ook voor een bedrijvigheidspolitiek waarbij het MKB wordt versterkt. 

De laatste jaren vormen de ZZP-ers (zelfstandigen zonder personeel) een substantieel deel van het MKB. Deze verschuiving vraagt om een andere wijze van ondersteuning door de provincie. Deze ondernemers hebben behoeft aan andere voorzieningen dan grotere bedrijven. Zo hebben zij vooral baat bij flexibele en/of mobiele kantoorruimte waar ze de infrastructuur delen, netwerken bouwen en gemakkelijk toegang vinden tot deskundigen. De stad Groningen speelt goed in op deze behoefte met het Paleis en de Puddingfabriek. D66 zou graag zien dat deze voorbeelden navolging krijgen in de rest van de provincie. Om het ontstaan van een overaanbod te voorkomen is het van belang dat de provincie hierbij de regie behoudt.


Vestigingslocaties
D66 maakt geen onderscheid naar de aard van de bedrijvigheid om te komen tot een passende vestigingslocatie. Toch is er wel degelijk provinciale regie nodig bij de aanwijzingen van geschikte vestigingslocaties voor bedrijven en instellingen. Het gaat
dan vooral om de ruimtelijke en milieutechnische implicaties van bedrijvigheid. Voor de vestiging van bedrijven geldt wat betreft D66 dat de gevolgen voor de ruimte en de belasting van het milieu doorslaggevend moeten zijn. Als deze gevolgen aantoonbaar
nihil zijn, dan gelden er wat ons betreft geen beperkingen voor vestiging. Zijn er wel gevolgen, dan vindt D66 dat dergelijke bedrijven zich alleen mogen vestigen op de daarvoor bestemde terreinen in de economische kernzones.

Verder is D66 voor het versneld oppakken van de revitalisering van bedrijventerreinen om de vraag naar nieuwe vestigingslocaties af te remmen.


Kennispotentieel benutten
Groningen kent een hoogwaardige kennisinfrastructuur dankzij de aanwezigheid van een universiteit, een universitair medisch centrum en diverse hogescholen. De samenwerking tussen Groningse bedrijven en kennisinstellingen is van onschatbare waarde voor de kenniseconomie. Dit moet leiden tot stevige bedrijfsclusters rond de sterke en kansrijke
kennisclusters Energie en Healthy Ageing, de speerpunten van het regionaal economisch beleid. D66 vindt dat dit enorme kennispotentieel op dit moment nog niet optimaal wordt benut. 

D66 wil daarom kritisch kijken naar de wijze waarop de provincie met subsidies omgaat. Te vaak blijkt dat een gehonoreerde subsidie niet essentieel is voor de uitvoering van een project, maar wordt gezien als een leuk extraatje. Daarvoor zijn subsidies uiteraard niet bedoeld. Daarnaast steekt de overheid veel geld in het ondersteunen van de ontwikkeling van nieuwe producten en diensten, onder andere via de NOM en SNN. In het vervolgtraject is de ondersteuning vaak minimaal, terwijl deze juist dan hard nodig is voor de succesvolle ontwikkeling van prototype naar product en bij het vermarkten van nieuwe producten en diensten.

Voor deze risicodragende investeringen wil D66 geld uitzetten via de NOM, in duurzame, innovatieve projecten en bedrijven. Hierdoor brengt het eigen (provinciale) kapitaal ook maatschappelijk rendement op naast rente.


Minder belemmeringen
D66 wil bedrijven letterlijk en figuurlijk ruimte bieden. D66 wil inzetten op een vestigingsklimaat waarbinnen creatieve en innovatieve ondernemers nieuwe concepten kunnen ontwikkelen die ons verder de 21e eeuw in brengen. D66 wil de regelgeving die het ondernemerschap en creativiteit hindert verder terugdringen. Regels worden nu te vaak ingegeven vanuit wederzijds wantrouwen. Dat leidt tot frustratie en onnodige vertraging.


Investeer in het bestaande bedrijfsleven
De afgelopen decennia is er veel tijd en energie gestoken in het naar het Noorden halen van bedrijven. Soms met succes. Ondertussen blijkt dat juist het zittende bedrijfsleven de banenmotor van het Noorden is. D66 pleit er daarom voor om het bestaande bedrijfsleven, met name het MKB, nog sterker te ondersteunen bij innovatie en internationalisering. Zo vindt D66 dat de Investerings Premie Regeling (IPR) niet alleen moet gelden voor bedrijven die zich hier van buitenaf vestigen, maar ook voor bestaande bedrijven die zich hier willen uitbreiden.

Behoud van talent
Door de enorme groei van het hoger onderwijs in de stad Groningen beschikt het Noorden over een enorm kennispotentieel. Helaas is de realiteit dat talentvolle jonge mensen na afloop van een studie of opleiding naar elders vertrekken. Vaak vanuit de veronderstelling dat het Noorden hun geen kansen biedt. D66 is er van overtuigd dat dit proces te stoppen is. Door te investeren in het ondernemersklimaat en in het
ondernemerschap van talent bij de kennisinstellingen ontstaat hier een nieuwe bedrijvigheid en houden we kennis vast. D66 pleit dan ook voor een verschuiving van de aandacht van het binnenhalen van bedrijven naar het investeren in aanwezig talent.

Ook wil D66 dat studenten beter worden geïnformeerd over de kansen en mogelijkheden die ze in het Noorden hebben. Zo kunnen ze een beter afgewogen keuze maken over het vervolg van hun carrière. 

Verder is arbeidsmarktbeleid in principe geen provinciale taak, tenzij de problematiek op de arbeidsmarkt de gemeenten overstijgt.


Energiek ondernemen
Een belangrijke economische pijler binnen Groningen wordt gevormd door energie en energietransitie. Groningen is de gashoofdstad van Europa en wil bovendien de koploperregio zijn als het gaat om energietransitie. D66 ondersteunt onverminderd het Energy Valley-programma. Wij zien daarnaast ook kansen aan de implementatiezijde. Nog te weinig bedrijven maken gebruik van nieuwe energiebesparende technieken of
alternatieve energiebronnen. Met name voor het MKB is deze stap groot omdat er onvoldoende expertise op dit vlak aanwezig is. D66 pleit ervoor om samen met Energy Valley een Energiecentrum MKB op te zetten die de toepassing van de nieuwe technieken stimuleert. Dit Energiecentrum MKB kan met kant-en-klare oplossingen MKB-ers helpen om duurzamer met hun energieverbruik om te gaan.


Zorg wordt economie
Vanuit het kenniscluster rondom het UMCG is het initiatief ‘Healthy Ageing’ ontstaan. Op dit moment werken de kennisinstellingen, de zorgverzekeraars en de grotere zorginstellingen in Noord-Nederland intensief samen binnen dit cluster. Naar verwachting zal de zorgeconomie, mede door de vergrijzing, in de komende jaren sterk groeien. Inzetten op het zo goed en gezond mogelijk ouder worden en tegelijkertijd werken aan nieuwe zorgtoepassingen zijn wat D66 betreft de kern van dit nieuwe cluster.

Zorg wordt pas economie als het niet alleen gaat om een regionale voorziening, maar als de dienst of het product een bovenregionale dimensie heeft. Daarom wil D66 ‘Healthy Ageing’ vooral ondersteunen bij het omzetten van kennis in bedrijvigheid. Zowel richting bestaande bedrijven, maar ook als voedingsbodem voor nieuwe (MKB) bedrijvigheid.
Maar zorgeconomie en senioren-economie voeren verder dan het Healthy Ageingprogramma. Op het vlak van vrije tijd en cultuur liggen bijvoorbeeld nog grote kansen.


Toerisme
Vergeleken met de andere noordelijke provincies is het toerisme in Groningen nog een kleine sector. Toch ziet D66 hier mogelijkheden, juist in de dunner bevolkte gebieden, rondom Blauwe Stad en langs het Werelderfgoed Waddenzee. Ook voor de eigen bevolking van de provincie zijn toeristische voorzieningen hier zeer gewenst. De primaire
taak voor de provincie is het letterlijk ruimte bieden aan toeristische initiatieven in deze gebieden. Daar bovenop wil D66 een stevige regionale marketingcampagne die de beleving van Groningen als toerismeprovincie moet verbeteren.

Internationalisering
Europa is voor ondernemers, bedrijven en burgers een belangrijke realiteit. Internationaal zakendoen is meer regel dan uitzondering. Zonder de Europese markt zouden veel ondernemers brodeloos zijn en veel burgers duurder uit. Helaas blijft de grensoverschrijdende samenwerking met onze naaste buren achter. Daarom stelt D66
een paar concrete maatregelen voor.

Allereerst stellen wij voor Groningen Seaports in één havenbedrijf onder te brengen met het havenbedrijf van Emden. Niet alleen is dit beter voor de scheepvaartveiligheid, maar het is dan ook mogelijk om meer een vuist te maken in de wereldmarkt van de zeevaart.

Verder wil D66 overgaan tot de aanleg van een grensoverschrijdend bedrijventerrein, bijvoorbeeld in de buurt van Nieuweschans. Dit terrein moet verder gaan in Europese eenwording dan de bestaande grensoverschrijdende bedrijventerreinen. Op het grondgebied van het terrein moet één regime gelden voor de Nederlandse en de Duitse
bedrijven. Dus geen gedoe met fiscale, milieutechnische, financiële en bouwtechnische verschillen: één regeltechnisch uniform terrein. Aangezien de nationale wetgeving hierop nog niet aangepast is wil D66 dit als een pilot project neerzetten. Dit zou binnen Europa uniek zijn.


Uitvoering
Juist voor economie geldt dat er veel samenhang is met andere beleidsterreinen: ruimtelijke ordening, infrastructuur, onderwijs en cultuur. Daarom moeten we de schotten tussen de beleidsvelden weghalen. Daarnaast is het moeilijk om de economie op Groningse schaal te beschouwen. Juist hiervoor pleit D66 voor een noordelijk samenhang
van beleid en uitvoering.




print pagina Mail een vriend

Inhoudsopgave


online netwerken

Lokaal


Landelijk